4 apr2017

School mocht besluiten om leerling met downsyndroom niet langer toe te laten

Stichting Primair Onderwijs Utrecht heeft voldoende gedaan om een leerling met het downsyndroom te laten deelnemen aan het reguliere onderwijs. Daarom oordeelt het College voor de Rechten van de Mens dat de school niet discrimineerde door de jongen niet langer als leerling toe te laten.

De jongen was acht jaar lang leerling op de school. In deze periode heeft de school hem intensief begeleid met behulp van externe deskundigen. In groep 6 ging zijn ontwikkeling echter achteruit en vertoonde hij ongewenst gedrag. De school vond daarom dat zij hem geen goed onderwijs meer kon bieden en besloot hem niet langer toe te laten.

Wet gelijke behandeling

Het College toetst situaties van mogelijke discriminatie aan de gelijkebehandelingswetgeving. De Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ) verplicht scholen om aanpassingen te treffen zodat ook leerlingen met een beperking naar school kunnen in het regulier onderwijs. Deze verplichting geldt niet langer als de aanpassingen onevenredig belastend zijn voor de school. Het College oordeelt dat Stichting Primair Onderwijs Utrecht in dit specifieke geval voldoende heeft gedaan om de jongen op school te houden. De rechter en de Geschillencommissie Passend Onderwijs (GPO) kwamen eerder ook tot een soortgelijke conclusie.

VN-verdrag handicap

In 2016 trad het VN-verdrag handicap in werking. Dit verdrag verplicht de overheid om te zorgen voor een samenleving voor iedereen, dus ook mensen met een beperking. Het verdrag geldt ook voor het Nederlandse onderwijs. Deze zaak draagt bij aan een belangrijke discussie, namelijk over wat inclusief onderwijs betekent in Nederland. Als toezichthouder op de naleving van het verdrag onderzoekt het College dit. De resultaten van dit onderzoek worden in 2017 verwacht.

Meer informatie

Oordeel 2017-41

Oordeel 2017-42

VN-verdrag handicap

◀ Terug naar berichten