Als gemeente

Als gemeente

Wat speelt er in Nederland?

De decentralisatie van verschillende overheidstaken naar gemeenten is in volle gang. Het proces van decentralisatie betekent dat gemeenten actief worden op nieuwe terreinen die mensen en hun rechten direct raken. Denk aan zorg, opvang, ondersteuning en participatie. Deze nieuwe verantwoordelijkheid brengt kansen mee. De gemeente staat namelijk dichterbij de burger en kan deze daarom makkelijker betrekken in het maken van beleid. En juist dit draagt bij aan het realiseren van mensenrechten. Investeren in kennis over mensenrechten is dan ook cruciaal.

Verschillen tussen gemeentenEr zullen verschillen ontstaan tussen gemeenten. Inwoners kunnen dat ervaren als onrechtvaardig of rechtsongelijkheid. Verschillen zijn onvermijdelijk en niet per definitie onaanvaardbaar. Bij de beoordeling of beleid wel of niet door de beugel kan, is het mensenrechtelijk kader relevant. De bezuinigingen mogen er niet toe leiden dat de kernverplichtingen van de overheid, die voortvloeien uit mensenrechten, in het geding komen. Ook de lokale overheid is verplicht mensenrechten na te leven. Decentralisatie, deregulering en zelfs privatisering zijn op zichzelf geen probleem, zolang de rechten van de mens maar gegarandeerd blijven. Dat is een verantwoordelijkheid die de rijksoverheid nooit kan wegbezuinigen.

Participatie als mensenrecht

Participatie als mensenrecht betekent dat iedereen kan meedoen in de samenleving en meebeslist over zaken die hem aangaan. Over het eigen huishouden, de school, de inrichting van de straat of op het werk. Maar ook breder, in de lokale en landelijke politiek. Iedereen moet op geschikte momenten en goed geïnformeerd kunnen meedenken en -beslissen.

Het betrekken van vrijwilligers en professionals bundelt expertise en inzet. Wanneer mensen meepraten en meebeslissen over beleid vergroot dat het draagvlak voor een maatregel en daarmee de effectiviteit. Zo gaan gemeenten om de tafel met vrijwilligersorganisaties, mantelzorgers en welzijnsorganisaties om beleid te maken. Als individuen zijn betrokken bij het vormgeven van de ondersteuning die zij nodig hebben leidt dat tot maatwerk voor de cliënt, en het draagt aan de versterking van de persoonlijke autonomie.

Het recht te participeren brengt ook verantwoordelijkheden en uitdagingen mee voor gemeenten. Hoe bereik je als gemeente juist mensen die moeilijk te bereiken zijn en betrek je hen? Hoe voorkom je als gemeente dat je vooral met de reeds goed vertegenwoordigde cliënten- en belangenorganisaties of zorgverzekeraars om tafel zit en geen tegenwicht hebt georganiseerd vanuit de meer kwetsbare groepen burgers? Gemeenten moeten zich inspannen voor effectieve participatie, zodat mensen echt betrokken kunnen zijn. Dit betekent dat de gemeente niet van mensen vraagt zich aan te passen aan de gewoontes en (vergader)cultuur van de gemeente, maar dat de gemeente ervoor zorgt dat alle mensen kunnen worden gehoord.

Wat zegt de wet?

Mensenrechten beschermen de menselijke waardigheid en het zijn minimumnormen. Dat betekent dat zij een ondergrens aangeven: het niveau van bescherming mag nooit zakken onder dat wat als mensenrecht gegarandeerd is.

Vanwege het fundamentele karakter nemen mensenrechten een bijzondere plaats in binnen het recht. Nationale wetgeving, beleid en praktijk moet in overeenstemming zijn met deze normen. Elk recht heeft een kernverplichting waar een overheid nooit aan voorbij kan. Bijvoorbeeld het recht op non-discriminatie blijft altijd gelden. Een ander belangrijk element in mensenrechten is dat van participatie: bij het maken, uitvoeren en evalueren van beleid worden alle belanghebbenden of hun vertegenwoordigers betrokken.

Beleidsvrijheid begrensd door mensenrechten

De regelgeving en de uitvoering daarvan, op welk niveau en in welke vorm dan ook, moet in overeenstemming zijn met nationale en internationale mensenrechtennormen. Volgens de Raad voor de financiële verhoudingen is er sprake is van rechtsongelijkheid als er sprake is van ‘wettelijk uniforme toekenning van rechten aan burgers’. De Raad licht toe dat als aanspraken van burgers op individuele voorzieningen in wet- en regelgeving zijn vastgelegd, de beleidsvrijheid van gemeenten beperkt is. Waar dat niet het geval is, hebben gemeenten meer vrijheid bij het maken van afwegingen. Maar ook dan is die vrijheid niet onbeperkt. Wet- en regelgeving, ook op gemeentelijk niveau, stellen nadere eisen aan de toekenning van voorzieningen.

Internationaal kader

De rechten van de mens zijn universele fundamentele waarden waarover op internationaal niveau overeenstemming bestaat dat ze bescherming verdienen. Veel taken van de gemeente betreffen economische, sociale en culturele rechten (ESC rechten). Het VN-comité inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten ontwikkelde een schema om ESC rechten concreter te maken: de 4 A’s: Available, Acceptable, Adaptable en Accessible.

Verschillen mogen er zijn In 2013 deed het Comité voor Economische en Sociale Rechten uitspraak in een zaak tegen Finland over artikel 23 van het Europees Sociaal Handvest (ESH). Artikel 23 ESH gaat over de sociale bescherming van ouderen. Finse wetgeving gaf gemeenten de ruimte een vergoeding te geven aan mantelzorgers die ouderen steunden. Als de gemeente koos voor een vergoeding gold er wel een minimum vergoeding. Gevolg was grote verschillen tussen gemeenten. Het Comité oordeelde dat het ESH niet vereist dat overal hetzelfde beschermingsniveau wordt geboden, maar wel dat er een ‘redelijk uniforme behandeling’ dient te zijn.

Beleidsvrijheid begrensd

Als gemeenten beleidskeuzes en prioriteiten stellen moeten zij voldoen aan de eisen die het Europees Sociaal Handvest stelt. In de Finse zaak concludeerde het Comité dat de combinatie van enerzijds beleidsvrijheid  en anderzijds het ontbreken van vergoedingsplicht leidt tot een onbevredigende situatie. Het enkele feit dat er geen uniformiteit in de uitvoering van de regels was, was op zichzelf geen schending van het ESH. Maar dat de wetgeving ertoe leidde dat een deel van de ouderen geen vergoeding ontving voor mantelzorg of alternatieve hulp kreeg, leverde een schending op van artikel 23 ESH.

Wat doet het College?

Het College bevordert, bewaakt, beschermt en belicht mensenrechten in Nederland door onderzoek, voorlichting, monitoring en advies. Ook oordeelt het College in individuele gevallen over gelijke behandeling.

Gemeenten werken hard aan het vormgeven van het decentralisatieproces. Om mensenrechten hierbij in beeld te houden biedt het College gemeenten concrete handvatten bij het vormgeven van beleid. Gemeente en dus ook de burgers hebben BAAT bij een helder mensenrechtenkader. BAAT staat voor beschikbaar, aanvaardbaar, aanpasbaar en toegankelijk.

Beschikbaarheid

Het gaat hierbij om de daadwerkelijke beschikbaarheid van – bijvoorbeeld – zorg. Denk dan aan de beschikbaarheid van gezondheidscentra en zorgprofessionals. Vanzelfsprekend moet het gaan om kwalitatief goede zorg. Participatie betekent hier: betrek de bevolking bij het bepalen van het zorgaanbod. Kunnen de bewoners meedenken, meepraten en meebeslissen over het aanbod en de dienstverlening? Het beginsel van non-discriminatie moet altijd in de afwegingen worden betrokken. Is zorg voldoende beschikbaar voor vrouwen en meisjes, migranten, mensen met diverse godsdienstige overtuigingen en levensbeschouwing, mensen met een beperking en chronisch zieken?

Aanvaardbaarheid

Zorg moet de medisch-ethische standaarden in acht nemen, en cultureel aanvaardbaar zijn. Dat betekent respectvol omgaan met verschillen. Houd rekening met verschillende achtergronden, culturen, leeftijden, mannen en vrouwen. Is het Sociaal Wijk Team voldoende toegerust en vaardig genoeg om om te gaan met verschillende bewoners binnen een wijk? En weet het SWT diverse groepen ook te bereiken om inzicht te krijgen in ondersteuningsbehoeften? Aanvaardvaar betekent ook vertrouwelijk omgaan met persoonlijke gegevens.

Participatie in dit verband betekent rekening houden met de diversiteit van de bevolking. Worden alle ‘groepen’ voldoende en passend geholpen, zonder discriminatie? Zorg ook dat verschillende groepen deelnemen in de evaluatie van beleid. Is de gemeente niet eenzijdig in gesprek met zorgaanbieders en zorgverzekeraars? Voorkom dat burgers het gevoel hebben niet voldoende gehoord te worden.

Aanpasbaarheid

Als de omstandigheden veranderen, dan is het nodig het beleid bij te stellen of aan te passen. Het kan zijn dat de samenstelling van een gemeente of wijk aanzienlijk verandert, en daarmee de behoeften. Participatie in dit verband betekent dat wordt bezien of nieuwe mechanismen om iedereen te betrekken nodig zijn. Als bijvoorbeeld door een beleidswijziging op centraal niveau meer mensen met een psychiatrische stoornis in een wijk komen te wonen, is het nodig dat de gemeente het beleid daarop aanpast. Of door vergrijzing meer ouderen in een wijk, dan meer ouderenadviseurs instellen en geld daarvoor beschikbaar maken. Het is nodig dat nieuwe vormen van discriminatie worden tegengegaan.

Toegankelijkheid

Voorzieningen zijn voor iedereen toegankelijk. Toegankelijkheid kent een aantal aspecten:

  • Non-discriminatie: zijn de voorzieningen daadwerkelijk voor iedereen toegankelijk, in het bijzondere voor de meest kwetsbare en gemarginaliseerde groepen in de samenleving. Zo niet, hoe komt dat en wat is de oplossing? Ook voor dit aspect is bij de evaluatie van beleid noodzakelijk dat alle betrokken groepen kunnen participeren en hun ervaringen kunnen delen.
  • Fysieke toegankelijkheid: faciliteiten en diensten moeten op een veilige manier voor alle bevolkingsgroepen toegankelijk zijn, vooral voor de meest kwetsbare en gemarginaliseerde groepen. Toegankelijkheid omvat ook de fysieke toegankelijkheid van gebouwen en de publieke ruimte voor mensen met een beperking. 
  • Economische toegankelijkheid, oftewel betaalbaarheid. Diensten moeten voor iedereen betaalbaar zijn, ook voor sociaal zwakkeren. Mensen met minder te besteden mogen niet buitenproportioneel belast worden met zorguitgaven, in vergelijking tot rijkeren. 
  • Toegankelijkheid van informatie: iedereen heeft het recht informatie en ideeën over gezondheidskwesties te zoeken, ontvangen en te verspreiden. Toegankelijkheid van informatie mag geen inbreuk maken op het recht op bescherming van persoonlijke gegevens.

 

Berichten

Meer tonen