Oordelen

Stichting Hoger Beroepsonderwijs Haaglanden discrimineert een studente met dyslexie door geen onderzoek te doen naar mogelijke doeltreffende aanpassingen bij het afnemen van een taaltoets.

Oordeelnummer 2014-169
22-12-2014
lees verder

Samenvatting

Situatie

Een studente volgt de opleiding Verpleegkunde bij Stichting Hoger Beroepsonderwijs Haaglanden. Zij lijdt aan dyslexie. Om de propedeuse te halen moet zij de instaptoets Nederlands halen. De studente maakt deze toets zes keer, maar slaagt niet omdat zij vanwege haar dyslexie moeite heeft met spelling. De studente verzoekt de examencommissie herhaaldelijk om een vrijstelling of alternatieve toetsvorm voor deze taaltoets. De examencommissie weigert dit. Als de studente de toets voor de zevende keer in de vorm van een betoog maakt, haalt zij een voldoende. Volgens de studente heeft de hogeschool niet de aanpassingen verricht die zij nodig had om de taaltoets (eerder) te kunnen behalen. De hogeschool zegt dat zij geen vrijstelling verleent aan studenten met dyslexie en dat de studente al extra herkansingen, tijdsverlenging en ondersteunende lessen en begeleiding aangeboden kreeg.

Oordeel College

Het College voor de Rechten van de Mens spreekt als zijn oordeel uit dat de Stichting Hoger Beroepsonderwijs Haaglanden jegens de studente verboden onderscheid heeft gemaakt op grond van handicap of chronische ziekte door geen onderzoek te doen naar mogelijke doeltreffende aanpassingen. 

Toelichting

Het College stelt vast dat het de hogeschool bekend was dat de studente vanwege haar dyslexie moeite had met spelling en dat zij hier een vrijstelling of een alternatieve toets vorm voor wenste. Nu de hogeschool wist van de behoefte van de studente aan een doeltreffende aanpassing, rustte op haar de verplichting om onderzoek te doen naar de mogelijkheden om die te verrichten. De hogeschool heeft echter de verzoeken om een vrijstelling of een alternatieve toets vorm van de studente telkens afgewezen zonder onderzoek te hebben verricht naar mogelijke aanpassingen. De ondersteunende lessen Nederlands en de begeleiding die zij de studente geboden heeft, kunnen niet gelden als doeltreffende aanpassing, omdat de hogeschool deze aan al haar leerlingen aanbiedt en niet onderzocht heeft of de beperkingen van de studente daarmee daadwerkelijk kunnen worden opgeheven. Daarom heeft zij niet voldaan aan haar onderzoeksplicht inzake het verrichten van doeltreffende aanpassingen die uit artikel 2 WGBH/CZ voortvloeit. Hiermee heeft de hogeschool verboden onderscheid gemaakt op grond van handicap of chronische ziekte.

Grond:

Terrein:

Trefwoord:

Wetsartikel

Dictum: