Oordelen

Het College kan niet beoordelen of een uitkeringsregeling discriminerend uitpakt, omdat de man en de vrouw niet behoren tot de categorie personen voor wie de regeling is bedoeld.

Oordeelnummer 2017-29
10-03-2017
Ras
lees verder

Samenvatting

Situatie

Een persoon die als ambtenaar of militair ten tijde van de Japanse bezetting in dienst was van het Nederlands-Indisch Gouvernement kan in aanmerking komen voor een eenmalige uitkering van €25.000, - . Dit is een financiële tegemoetkoming op morele gronden voor niet uitbetaalde salarissen. Voorwaarde is dat de persoon (hierna: de belanghebbende) op 15 augustus 2015 in leven was. Erfgenamen kunnen in aanmerking komen voor de uitkering als de belanghebbende op of na 15 augustus 2015 is overleden en deze de uitkering nog niet te gelde heeft gemaakt. Het recht op uitkering gaat dan over op de nalatenschap. Een man en een vrouw vinden dat de regeling personen van Indonesische afkomst discrimineert. Zij voeren aan dat de levensverwachting in Indonesië (veel) lager is dan in Nederland. Personen die na de capitulatie in Indonesië zijn gebleven hebben dus minder kans om aanspraak te maken op de uitkering. Dit zullen vooral mensen van Indonesische afkomst zijn.

Beoordeling

De uitkering is bedoeld voor personen die zelf als ambtenaar of militair ten tijde van de Japanse bezetting in dienst waren van het Nederlands-Indisch Gouvernement en op 15 augustus 2015 nog in leven waren. De man en de vrouw zijn zelf geen belanghebbenden. Als erfgenamen maken zij evenmin aanspraak op de uitkering, omdat hun erflaters voor 15 augustus 2015 zijn overleden. De man en de vrouw vallen dus niet onder de categorie personen voor wie de uitkering is bedoeld. Daarom zijn zij niet ontvankelijk in hun verzoek en kan het College geen inhoudelijk oordeel geven.

Oordeel

Verzoekers zijn niet ontvankelijk in hun verzoek tegen de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Grond:

Terrein:

Trefwoord:

Wetsartikel

Dictum: