Monitorrapportage 2021: drie ervaringsdeskundigen aan het woord

Ingewikkelde procedures, een gebrek aan maatwerk of telkens opnieuw bewijzen dat je een beperking hebt. Mensen met een beperking ervaren nog steeds onnodig veel problemen bij het aanvragen van hulpmiddelen. Hierdoor kunnen mensen met een beperking soms zelfs letterlijk niet meer de straat op. Dit blijkt uit de monitorrapportage van het College voor de Rechten van de Mens, die jaarlijks op de Internationale Dag voor Mensen met een Beperking wordt gepubliceerd. In deze portrettenreeks delen drie ervaringsdeskundigen hun verhaal. 

Portretfoto van Rob van Vliet

‘In Nederland is het zo gek nog niet geregeld’

Sinds zijn zesde is de inmiddels 75-jarige Rob van Vliet volledig blind. En daar valt goed mee te leven, zegt hij. Al zijn er dan wel hulpmiddelen nodig, zoals een taststok, een braillestrook op zijn computer en ritjes met de regiotaxi. Ook heeft hij een geleidehond, maar die kreeg hij niet zomaar.

Lees het interview met Rob van Vliet
Portretfoto van Alisa Hol

‘Ik wil zelf geld verdienen en onafhankelijk zijn’

Eigenlijk zou Alisa Hol (34) met een Wajong-uitkering de hele dag thuis kunnen zitten. Maar dat wil ze niet. Daarom is ze een bedrijfje in cadeautjes en woonaccessoires gestart. Om dat te laten slagen, heeft ze hulpmiddelen nodig. Maar die krijgt ze niet zomaar. ‘Voor elke aanpassing moet ik steeds weer aantonen dat ik een handicap heb.’

Lees het interview met Alisa Hol
Portretfoto van Lily (links) en Susanna (rechts)

'Een wirwar aan bureaucratie om de hulp te krijgen die van levensbelang is'

Een rolstoel, zuurstofflessen, een voedingspomp, een spraakcomputer. Eigenlijk heeft de achtjarige Lily de Wit bij alles wat ze doet een hulpmiddel nodig. Haar moeder Susanna doet er alles aan om die voor haar te regelen maar botst voortdurend tegen bureaucratische muren. Als ouder van een kind met een ernstige beperking heb je volgens haar ‘meer aan een rechtenstudie dan aan een opleiding verpleegkunde’.

Lees het interview met Susanna de Wit