All-in Personeel discrimineert stagiair vanwege hoofddoek

13 augustus 2014 - Laatste update 27 januari 2016

All-in Personeel discrimineert een vrouw door haar af te wijzen voor de stageplaats als zij een hoofddoek gaat dragen. De stagiaire is moslima en droeg in het verleden een hoofddoek. Dit komt tijdens het sollicitatiegesprek ter sprake. Direct na het sollicitatiegesprek belt de stagiaire met de vestigingsmanager en geeft aan dat zij zich gediscrimineerd voelde omdat zij niet welkom was als zij weer een hoofddoek ging dragen.

All-in Personeel discrimineert stagiair vanwege hoofddoek

De stagiaire vraagt de vestigingsmanager of zij ook welkom is mét hoofddoek. Daarop antwoordt de vestigingsmanager dat het uitzendbureau 'een Nederlands bedrijf is' en 'zij dit mag eisen van werknemers'. Het uitzendbureau stelt later dat zij de vrouw wilde beschermen tegen discriminatie door Poolse uitzendkrachten.

Uitsluiting vindt al plaats vanaf de eerste stappen op de arbeidsmarkt. Regelmatig krijgt het College signalen dat bedrijven stagiairs weigeren omdat zij een hoofddoek dragen. Er bestaat vrijheid van godsdienst èn het recht om niet gediscrimineerd te worden. Dit geldt ook op het werk. Alleen in heel uitzonderlijke gevallen mag een werkgever een hoofddoek verbieden. Bijvoorbeeld vanwege de veiligheid.

Lees de samenvatting en het oordeel (2014-95)