School maakt zorgplicht onvoldoende waar

21 november 2011 - Laatste update 27 januari 2016

De commissie gelijke behandeling (CGB) oordeelde onlangs dat een middelbare school haar zorgplicht onvoldoende heeft waargemaakt. Een leerling heeft vanwege zijn dyslexie een aantal aanpassingen nodig, maar heeft die van de school onvoldoende gekregen. Ook mag de leerling niet doorstromen naar 4 gymnasium Twee Talig Onderwijs (TTO).

School maakt zorgplicht onvoldoende waar

De leerling heeft een ernstige vorm van dyslexie en volgt het gymnasium TTO. Vanwege zijn dyslexie vragen de ouders van de leerling de school om een aantal aanpassingen, die de school voor een groot deel honoreert. Maar de uitvoering van een aantal cruciale aanpassingen is onvoldoende. Er was bijvoorbeeld geen digitale uitgave van de schoolboeken uit het derde leerjaar beschikbaar. En juist dit is voor deze leerling een belangrijk hulpmiddel. Bovendien wees de school het aanbod van de ouders af, om samen met andere ouders de digitaliseren te regelen.

Verder heeft de school met de docenten afgesproken dat zij hun toetsen digitaal zouden aanbieden, zodat de leerling tijdens de toets met behulp van bijzondere software de tekst van de vragen kon beluisteren. In de praktijk bleken docenten zich vaak niet aan deze afspraak te houden. Daarnaast probeert de docent, volgens het dyslexieprotocol van de school, de dyslectische leerling extra tijd te geven bij proefwerken. Dit was ook voor deze leerling afgesproken. Maar ook deze afspraak werd in de praktijk regelmatig niet nagekomen. Als bijvoorbeeld onmiddellijk na afloop van de les waarin een proefwerk is gemaakt, een nieuw lesuur begint en andere leerlingen het klaslokaal binnenlopen blijft van de extra tijd weinig over.

Aan het eind van jaar drie besluit de school de leerling niet te bevorderen naar klas 4 TTO, maar naar klas 4 Regulier. Als reden noemt de school zijn prestaties voor het vak Engels en zijn werkhouding. Of de school de leerling terecht niet bevorderd tot het TTO kan de CGB niet beoordelen. Wel oordeelt de CGB dat het besluit tot bevordering mogelijk anders was geweest als de aanpassingen wel goed waren geregeld. Strikt genomen heeft de school wel aanpassingen verricht, maar niet zodanig dat deze ook doeltreffend waren.

Lees ook het oordeel en de samenvatting (2011-157).