Wat doet de overheid aan mensenrechteneducatie?

Als kinderen al van jongs af aan weten wat hun mensenrechten en kinderrechten zijn, kunnen zij beter voor hun rechten en die van anderen opkomen. De Nederlandse overheid heeft verschillende mensenrechtenverdragen geratificeerd, zoals het verdrag voor economische, sociale en culturele rechten en het kinderrechtenverdrag. Daarin staat onder andere dat de overheid zich moet inzetten voor onderwijs over mensenrechten en kinderrechten. Het College voor de Rechten van de Mens spoort de overheid dan ook aan om dat te doen. 

Basis en voortgezet onderwijs 

Onderwijs over mensenrechten gaat ook vaak over kinderrechten en burgerschap. Burgerschap heeft te maken met de relatie tussen burgers en de staat, en over hoe wij met elkaar omgaan en samen onze samenleving inrichten. Kinderrechten zijn mensenrechten, maar dan specifiek voor kinderen, omdat kinderen extra bescherming nodig hebben en daarin vaak afhankelijk zijn van volwassenen. 

Sinds 2006 moeten scholen een visie ontwikkelen en uitwerken over burgerschap, evalueren wat het burgerschapsonderwijs heeft opgeleverd en  verantwoording afleggen in het schoolplan. Deze opdracht aan scholen was tamelijk vrijblijvend. Daarom is de wet waarin die opdracht staat aangescherpt. Vanaf 1 augustus 2021 geldt de wet Verduidelijking burgerschap in het funderend onderwijs.  

De Onderwijsinspectie kan door deze wet beter met scholen in gesprek over burgerschap en zo nodig ingrijpen. Bijvoorbeeld als scholen onvoldoende zorg dragen voor een schoolcultuur die bijdraagt aan de in de wet benoemde waarden. Lees meer over de wet op de website van de VO-Raad.

In de wet over de burgerschapsopdracht is veel aandacht voor mensenrechten. Zo staat in de wet dat docenten leerlingen en studenten respect voor en kennis over fundamentele rechten van mensen moeten bijbrengen. Ze moeten aandacht hebben voor verschillen tussen mensen als het gaat om bijvoorbeeld religie, afkomst, handicap of seksuele gerichtheid en dat mensen in dezelfde situatie gelijk behandeld moeten worden.  

Het schoolbestuur moet zorgen voor een veilige omgeving, waar iedereen zichzelf durft te zijn, zodat kinderen en studenten kunnen leren en oefenen in het omgaan met mensen die wellicht anders zijn dan zijzelf.  

Herijking  curriculum 

Met enige regelmaat kijken deskundigen naar de verplichte inhoud van lesprogramma’s op scholen: wat moeten leerlingen en studenten in heel Nederland nou écht weten? Dit heet het landelijk onderwijscurriculum.  

In januari 2016 was een groep deskundigen klaar met hun evaluatie: het Platform Onderwijs 2032 gaf hun adviezen aan de regering. Dit platform adviseerde om mensenrechten en kinderrechten als onderdeel van burgerschapsonderwijs op te nemen in de vaste kern van het onderwijsaanbod. 

Vervolgens werkten ontwikkelteams van docenten en scholen in 2018 en 2019 samen in Curriculum.nu aan de ontwikkeling van bouwstenen voor diverse onderdelen van het curriculum. Het College sprak meerdere keren met het ontwikkelteam Burgerschap.

In oktober 2020 hebben leraren en schoolleiders voorstellen gepresenteerd voor de herziening van het landelijk curriculum. Het ministerie van OCW heeft een wetenschappelijke curriculumcommissie ingesteld die een positief advies heeft uitgebracht aan de minister. De minister gaat de bouwstenen nu verwerken in kerndoelen.  

Hoewel de nieuwe kerndoelen nog niet klaar zijn,  is de wet wel al van kracht. Scholen moeten daarom lesgeven in burgerschap en mensenrechten en zorgen voor een veilige schoolcultuur waarin zowel leerlingen en studenten als docenten ervaren dat hun rechten worden gerespecteerd.  

Burgerschap en mensenrechten op het MBO 

MBO scholen moeten lesgeven over burgerschap. Dat staat in de Wet Educatie en Beroepsopleiding (WEB).  Het is één van de algemene vereisten voor MBO-studenten, net als bijvoorbeeld Nederlands en rekenen. 

Het onderdeel burgerschap richt zich op de deelname aan de maatschappij en het goed kunnen functioneren in een beroep. De vaardigheden, houding en kennis die daarbij horen zijn beschreven in vier burgerschapsdimensies: de politiek-juridische dimensie, de economische dimensie, de maatschappelijk-sociale dimensie en de dimensie vitaal burgerschap.  

Mensenrechteneducatie sluit hier goed op aan en is makkelijk in te passen in het burgerschapsonderwijs. De Tweede Kamer heeft hier ook op aangedrongen. Die nam een motie aan waarin staat dat MBO scholen aandacht moeten besteden aan de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en dat de Onderwijsinspectie hierop toeziet.  

Het ministerie van OCW liet in een Kamerbrief naar aanleiding van de motie weten dat het ministerie een toolbox zal laten maken voor het MBO. De Onderwijsinspectie zal controleren of MBO scholen aandacht besteden aan mensenrechten als onderdeel van burgerschap. De toolbox voor het MBO is inmiddels gemaakt en gratis te downloaden

Meer informatie