Campagne ‘Mag een school een leerling met beperking weigeren?’

18 februari 2014 - Laatste update 26 januari 2016

Voor leerlingen uit groep acht breekt rond deze tijd een nieuw hoofdstuk aan. Samen met hun ouders gaan zij tijdens de open dagen op zoek naar een geschikte middelbare school. Een spannende periode voor veel leerlingen. Zeker voor leerlingen met een beperking die een aanpassing nodig hebben. Kunnen zij terecht op de school van hun keuze? En krijgen zij de aanpassing die zij nodig hebben? De afgelopen jaren behandelde het College voor de Rechten van de Mens regelmatig zaken van leerlingen die door een school geweigerd werden of geen juiste aanpassing kregen voor hun handicap of chronische ziekte.

Campagne ‘Mag een school een leerling met beperking weigeren?’

Passend onderwijs en gelijke behandeling

Vanaf augustus 2014 geldt passend onderwijs voor alle basis- en middelbare scholen in Nederland. Passend onderwijs moet ertoe leiden dat leerlingen met een beperking niet langer thuis zitten, omdat een school hen weigert. Als een leerling met een ondersteuningsbehoefte zich bij een school meldt is de school verantwoordelijk voor het plaatsen van de leerling. Als het niet kan op de school waar de leerling zich meldt moet het schoolbestuur zorgen voor passend onderwijs op een andere school. Daarnaast wordt bij de invoering van passend onderwijs de leerlinggebonden financiering afgeschaft. In plaats daarvan krijgen scholen of samenwerkingsverbanden van scholen geld om de (extra) ondersteuning te regelen. Zij maken daar momenteel afspraken over.

Hoe zit het met gelijke behandeling?

Nu al hebben leerlingen met een beperking recht op een aanpassing om onderwijs te volgen op de school van hun keuze. Dit staat in de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte. De school moet onderzoeken of de leerling met behulp van een aanpassing op de school terecht kan of kan blijven. Als dat zo is, moet de school die aanpassing ook bieden. Bijvoorbeeld extra begeleiding voor een leerling met autisme. Alleen als de aanpassing in redelijkheid niet van de school gevraagd kan worden, geldt het recht op extra ondersteuning niet. Deze verplichting blijft ook na de invoering van passend onderwijs bestaan.

Over de campagne

Het College merkt dat zowel scholen als ouders vaak niet voldoende op de hoogte zijn van de rechten van leerlingen met een beperking. Met de campagne licht het College scholen, ouders en leerlingen hierover voor. De campagne is de tweede in een reeks van meerdere campagnes waarbij het College door aan te haken op een actualiteit alledaagse thema’s in mensenrechtenperspectief plaatst. De campagne zet voornamelijk in op online en is specifiek gericht op scholen, ouders en leerlingen. Daarnaast verschijnt de printcampagne in de tijdschriften Balans Magazine en Lotje&Co. Reageer hier op de stelling.

Voor de redactie

College voor de Rechten van de Mens, Marysha Molthoff, perswoordvoerder, tel. 030 - 888 3 888 of 06 – 48 13 00 42, e-mail m.molthoff@mensenrechten.nl, mensenrechten.nl.

College voor de Rechten van de Mens

Het College voor de Rechten van de Mens is een onafhankelijke toezichthouder op mensenrechten in Nederland. Het College is bij wet ingesteld en beschermt, bevordert, bewaakt en belicht mensenrechten door middel van onderzoek, advies en voorlichting. Dit geldt zowel voor Europees Nederland als Caribisch Nederland: de eilanden Bonaire, St.Eustatius en Saba. Het College voor de Rechten van de Mens ziet ook toe op de naleving van de gelijkebehandelingswetgeving en in individuele gevallen oordeelt het of iemand gediscrimineerd is op het werk, in het onderwijs of als consument.

Wat zijn mensenrechten?

Mensenrechten zijn rechten die gelden voor ieder mens in Nederland. Ze beschermen ons tegen de macht van de staat en zorgen ervoor dat een mens in waardigheid kan leven. Zo heb je bijvoorbeeld recht op een vrije mening, onderwijs, genoeg te eten en een dak boven je hoofd. Die rechten zijn vastgelegd in de Grondwet en internationale verdragen.

Voorbeeldzaken

Een jongen met ADHD eb PDD-NOS gaat naar een reguliere basisschool. De school maakt van groep 1 tot en met groep 6 handelingsplannen voor de jongen. Aan het begin van groep 7 ligt geen plan klaar. De school schiet daarmee tekort in haar plicht om een aanpassing te treffen. In de loop van groep 7 wil de school leerling van school verwijderen omdat hij niet vooruit gaat en gevaarlijk is voor medeleerlingen en leraar. De problemen waar de school het over heeft, beginnen in groep 7. Juist toen lag geen plan klaar om de aanpassingen die de jongen nodig had voort te zetten. Daarom discrimineerde de school.

Een school uit Den Haag discrimineerde een leerling vanwege haar diabetes bij toelating tot de school. De school wilde de leerling alleen inschrijven als de ouders een aantal afspraken ondertekenden. In deze afspraken stond onder andere dat de leerling moet thuisblijven als de leerkracht ziek is en dat zij niet mag meedoen aan bepaalde schoolactiviteiten. Het College oordeelde dat lang niet alle afspraken noodzakelijk waren, als de school eerder maatregelen had genomen, zoals het uitnodigen van een deskundige om de onderbouwleerkrachten te instrueren.

Meer zaken zoeken