College adviseert over Tijdelijke experimentenwet assistentie bij het stemmen

31 augustus 2021 - Laatste update 31 augustus 2021

Het College voor de Rechten van de Mens heeft recentelijk, op verzoek van demissionair minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, een wetgevingsadvies uitgebracht over de ‘Tijdelijke experimentenwet assistentie bij het stemmen’. Deze wet zal experimenten mogelijk maken waarbij kiezers met een verstandelijke beperking om hulp kunnen vragen in het stemhokje. Dat is nu alleen mogelijk voor kiezers met een lichamelijke beperking. Als toezichthouder op de uitvoering van het VN-verdrag handicap adviseert het College onder meer om mensen met een beperking zichtbaar nauw te betrekken bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van het experiment.    

Hulp in het stemhokje

Tot nu toe kregen alleen kiezers met een lichamelijke beperking assistentie in het stemhokje. Hulp in het stemhokje is uitzonderlijk vanwege de kans op ongewenste beïnvloeding van de kiezer. Mensen met een verstandelijke beperking geven echter aan dat zij ook behoefte hebben aan hulp tijdens het stemmen. Zo hebben zij bijvoorbeeld moeite met het vinden van de partij van hun keuze op het grote stembiljet. Dit bleek ook uit de diverse meldingen die het College de afgelopen jaren kreeg bij het meldpunt Onbeperkt Stemmen. Door de nieuwe tijdelijke wet zal de toegankelijkheid van verkiezingen vergroot worden.

Experiment

De komende vijf jaar wordt er in tien tot vijftien gemeenten geëxperimenteerd met het aanbieden van hulp in stemhokjes. Een lid van het stembureau wordt speciaal opgeleid om kiezers met een verstandelijke beperking bij te staan. Met de experimenten zal ervaring opgedaan worden en wordt er bekeken hoe groot de behoefte aan hulp in het stemhokje is. In de gemeenten die deelnemen zal tenminste één stembureau aangewezen worden waar hulp in het stemhokje aan kiezers met een verstandelijke beperking mogelijk is.

Advies van het College

Het College heeft advies gegeven over het wetsvoorstel in het licht van het VN-verdrag handicap. Hiervoor gebruikt het College altijd een vast beoordelingskader. De adviezen van het College zijn:

  1. Betrek mensen met een beperking zichtbaar van begin tot eind bij het experiment. Denk hierbij aan de voorbereiding, uitvoering en evaluatie. Deze participatie moet meer expliciet verwerkt worden in het wetsvoorstel en de toelichting hierbij.  
     
  2. Onderbouw waarom het beïnvloedingsrisico groter geacht wordt bij mensen met een verstandelijke dan met een lichamelijke beperking en dan vooral waaruit blijkt dat dat risico groter is dan bij volmachtverlening.
     
  3. Omschrijf duidelijk op grond van welke criteria de gemeenten die deelnemen aan het experiment geselecteerd worden. Om de toegankelijkheid te waarborgen is het immers belangrijk dat er voldoende stemlokalen in de buurt zijn waar mensen terecht kunnen om te stemmen.
     
  4. Ga nader in op de vraag hoe het voorstel zich verhoudt tot andere maatregelen en experimenten om het stemmen toegankelijker te maken, zoals vervroegd stemmen.

Het recht om te stemmen is een belangrijk mensenrecht. Voor mensen met een beperking is dit recht nog eens benadrukt in het VN-verdrag handicap. Mensen met een beperking hebben, net als ieder ander, het recht om deel te nemen aan het politieke en openbare leven. Dit betekent ook dat zij zonder obstakels moeten kunnen stemmen. Verkiezingen moeten dus voor iedereen toegankelijk zijn.


Meer informatie

Meer weten over toegankelijke verkiezingen? Neem voor meer informatie contact op met het College via info@mensenrechten.nl

Onderwerpen

VN-verdrag handicap