Monitor Discriminatiezaken over 2021: extra aandacht voor seksuele intimidatie

2 mei 2022 - Laatste update 3 mei 2022

De omslagfoto van de jaarlijkse monitor Discriminatiezaken toont dit jaar een vrouw op een stoel op kantoor. Een collega staat naast haar en legt zijn hand op haar schouder. Dat wil ze niet en in een bepaalde context kan iemand door dergelijk ongewenst gedrag ook seksueel geïntimideerd zijn. Een hand op de schouder lijkt op het eerste oog onschuldig, maar als deze bijvoorbeeld deel uitmaakt van een reeks van ongewenste aanrakingen of seksuele opmerkingen door de collega krijgt die een andere lading. Dan heeft die hand het effect dat iemands waardigheid wordt aangetast. Seksuele intimidatie is een vorm van discriminatie. De meldingen bij het College voor de Rechten van de Mens en de grote maatschappelijk aandacht voor enkele opvallende seksuele intimidatiezaken, zijn reden om deze vorm van discriminatie dit jaar extra uit te lichten in de monitor.

Vrouw kijkt recht in de camera met een hand van een ander op haar schouder

"We behandelen al jaren vragen, meldingen en verzoeken over deze vorm van geweld tegen vrouwen. Verhalen zoals over The Voice of Holland en oud-directeur van Ajax, Marc Overmars, gaven de doorslag om dit onderwerp dit jaar extra aandacht te geven” legt voorzitter Jacobine Geel uit.

“Mensen weten niet altijd dat ze om een oordeel kunnen vragen bij het College als ze te maken krijgen met seksuele intimidatie. Het verbod op seksuele intimidatie is geregeld in de gelijkebehandelingswetgeving en desgevraagd kan het College daaraan toetsen. We kijken daarbij dan vooral naar de rol van de werkgever. Die moet zorgen voor een veilige werkomgeving, waarbij discriminatie geen kans krijgt.” 

Het College adviseert de overheid wat ze moet doen om seksuele intimidatie tegen te gaan en helpt werkgevers om te zorgen voor een veilige werkvloer. Ook vertellen we mensen wat ze kunnen doen als ze te maken hebben met seksuele intimidatie.

Monitor Discriminatiezaken

In de monitor Discriminatiezaken beschrijven we hoe vaak mensen bij het College aankloppen. Mensen kunnen een vraag stellen over discriminatie of een melding doen. Ook kunnen ze het College verzoeken om een oordeel uit te brengen over iets dat zij hebben meegemaakt. In de monitor zetten we alle cijfers op een rij. In dit nieuwsbericht lichten we er een paar onderwerpen uit.

 

Mensen met een beperking

Opvallend in de monitor is het grote aantal klachten en meldingen over de rechten van mensen met een beperking. Zij kunnen reizen, meedoen aan activiteiten of een baan hebben op de arbeidsmarkt, als organisaties aanpassingen treffen. Onze monitor laat nu al voor de zesde keer op rij zien dat dit te weinig gebeurt.

“De overheid laat hier echt wat liggen. Zij moet veel meer doen om bedrijven erbij te bepalen dat die mensen met een beperking moeten helpen, zodat ook zij gebruik kunnen maken van diensten of goederen,” reageert Jacobine Geel. “Dat is geen gunst, maar een verplichting voor de overheid die voortvloeit uit de ondertekening van het VN-verdrag handicap.”

De monitor vermeldt een schrijnend voorbeeld van een man die verlamd is en geen handtekening kan zetten, maar daartoe gedwongen wordt door een verzekeringsmaatschappij. Zijn vrouw filmt het geheel. Vernederend, vindt zijn vrouw dat, omdat er ook een alternatief was met iDin, een online identificatiemiddel.

Racisme

Voor mensen die niet wit zijn of geen Nederlands klinkende achternaam hebben is racisme nog altijd aan de orde van de dag.  Zij worden anders behandeld vanwege hun huidskleur of afkomst. Zij vinden minder snel een baan of huis, krijgen minder snel promotie. Ze worden vaker aangehouden op straat.


“Ik werk in de bouw. Een collega en ik moeten steeds de rotklussen doen. De voorman, de projectleider en de baas behandelen ons anders dan de andere collega's. Mijn collega en ik zijn de enigen met een andere huidskleur. Wij zijn de enigen die werken, de rest doet niks. Bij het minste of geringste wordt er tegen mij geschreeuwd.”


 “De aanpak van racisme staat gelukkig hoog op de agenda, constateert Jacobine Geel, “maar we hebben in Nederland nog een lange weg te gaan.” 

Ook voor het College is de bestrijding van racisme een belangrijk aandachtsgebied.  We deden onder andere onderzoek naar etnisch profileren, ontwikkelden een training voor werkgevers om zonder vooroordelen mensen te werven en te selecteren en we zijn het programma Vooroordelen Voorbij gestart.  

Doel daarvan is dat ambtenaren zich actiever inzetten om discriminatie op grond van ras te voorkomen. Ook zetten we ons ervoor in dat burgers makkelijker aan de bel kunnen trekken bij de overheid, als het toch mis gaat.

Discriminatie melden helpt

Discriminatie aankaarten loont. Ook dat blijkt uit de monitor. 88 Procent van de organisaties neemt maatregelen nadat het College heeft geoordeeld dat zij hebben gediscrimineerd. Een oordeel kan dus leiden tot een structurele verbetering die herhaling van de discriminatie tegen gaat. 

En zelfs als het individuele probleem niet wordt opgelost, gebruikt het College de meldingen, vragen en verzoeken bij het opstellen van beleids- en wetgevingsadviezen aan de overheid, internationale rapportages en het beantwoorden van vragen van journalisten. 

Ook komen we soms in actie omdat we zien dat meerdere mensen tegen hetzelfde probleem aanlopen. Zo ontving het College veel signalen over de problemen die mensen met een beperking ervoeren bij de toepassing van bepaalde coronamaatregelen: zijn uitzonderingen mogelijk op de mondkapjesplicht of de plicht te beschikken over een coronatoegangsbewijs en hoe toon ik dan aan dat ik in aanmerking kom voor zo’n uitzondering? 

Daarop heeft het College contact opgenomen met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en ervoor gezorgd dat organisaties van mensen met een beperking meer werden betrokken bij het maken van nieuwe wetgeving en plannen.

Welke organisaties hebben ook cijfers over discriminatie?

Discriminatie kan in verschillende vormen en op veel verschillende plekken in onze samenleving plaatsvinden. Dat betekent ook dat burgers met hun vragen en meldingen over discriminatie bij verschillende organisaties terecht moeten kunnen. Naast het College zijn dat bijvoorbeeld lokale antidiscriminatievoorzieningen (hier werken experts in gelijke behandeling, zij kunnen mensen helpen als ze om een oordeel van het College willen vragen), de politie en MiND (meldpunt internetdiscriminatie). 

Op dinsdag 24 mei verschijnt het landelijk rapport Discriminatiecijfers 2021. Dit is de zevende editie. Het is een multi-agencyrapportage over discriminatiecijfers van de politie, antidiscriminatievoorzieningen, MiND en het College voor de Rechten van de Mens. Art. 1 stelt deze rapportage samen in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de politie. Art. 1 doet dit samen met Discriminatie.nl (de landelijke vereniging van antidiscriminatievoorzieningen).

Meer informatie 

Photo credits: Johan van Nieuwenhuize