VN-Mensenrechtencomité doet aanbevelingen aan Nederland

31 juli 2019 - Laatste update 31 juli 2019

Het VN-Mensenrechtencomité heeft aanbevelingen gedaan aan de Nederlandse regering over burgerrechten en politieke rechten in Nederland. Het Comité houdt toezicht op de naleving van het Internationaal verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR).

Mensen demonstrateren, meisje klapt in handen

De aanbevelingen gaan onder meer over toegang tot het recht, arbeidsmarktdiscriminatie, geweld tegen vrouwen en gevolgen van de gaswinning in Groningen. Als Nationaal Mensenrechteninstituut rapporteert het College voor de Rechten van de Mens over de naleving van verdragen zoals het IVBPR.

Het verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR) bevat rechten die burgers beschermen tegen willekeurig of ingrijpend optreden door de autoriteiten en garandeert vrijheden, zoals de vrijheid van meningsuiting. Landen die partij zijn bij het Verdrag leggen om de vijf jaar verantwoording af aan het Comité over de burgerrechten en politieke rechten in het eigen land. Nederland heeft in 2018 zijn vijfde rapport ingediend bij het Comité. Dit is begin juli besproken met het Comité. 

Toelichting op rapportage

Voorafgaand aan de bijeenkomst met de Nederlandse regering hield het VN-Mensenrechtencomité een briefing met het College voor de Rechten van de Mens en organisaties zoals Amnesty en het Nederlands Juristen Comité voor de Rechten van de Mens (NJCM). Tijdens deze bijeenkomst heeft Collegelid John Morijn een toelichting op het rapport van het College gegeven.

De aanbevelingen publiceert het Comité in een zogeheten slotcommentaar (‘concluding observations’). In deze aanbevelingen komen verschillende punten aan de orde die het College ook heeft benoemd  in zijn rapport en tijdens de bijeenkomst. Dit zijn enkele van de aanbevelingen: 

Toegang tot het recht

Het College heeft in zijn rapport en tijdens de briefing aandacht gevraagd voor de negatieve gevolgen die de herziening van het systeem voor rechtsbijstand kan hebben op de toegang tot het recht. Door deze herziening kan het voor mensen in een kwetsbare positie bijvoorbeeld moeilijker worden om een rechtszaak aan te spannen.

Het Comité deelt deze zorgen en beveelt de Nederlandse regering aan dat de hervormingen van het systeem voor rechtsbijstand zo moeten worden vormgegeven dat de toegang tot het recht voor iedereen gegarandeerd blijft. 

Zorgen over arbeidsmarktdiscriminatie

Het Comité uit zijn zorgen over de aanhoudende discriminatie waar mensen die tot een etnische minderheid behoren mee te maken krijgen op de arbeidsmarkt. Dit komt bijvoorbeeld voor als mensen tijdens een sollicitatieprocedure worden afgewezen vanwege hun afkomst. 
Het College heeft de problemen rondom arbeidsmarktdiscriminatie ook aangekaart in zijn rapport en de regering opgeroepen om duidelijke en meetbare doelstellingen te formuleren voor de aanpak en preventie van arbeidsmarktdiscriminatie.

Het Comité heeft gezegd dat de Nederlandse overheid zich moet inspannen om het actieplan tegen arbeidsmarktdiscriminatie effectief te implementeren, zodat de discriminatie afneemt en de participatie op de arbeidsmarkt daadwerkelijk toeneemt.

Geweld tegen vrouwen

Het Comité is positief over de inspanningen van de overheid om geweld tegen vrouwen tegen te gaan. Bijvoorbeeld door het Verdrag van Istanbul te ratificeren dat tot doel heeft om geweld tegen vrouwen te bestrijden. Desondanks uit het Comité ook zijn zorgen, omdat geweld tegen vrouwen een aanhoudend probleem is en niet altijd voldoende ondersteuning en bescherming kan worden geboden aan vrouwen. 

Het College benoemde in zijn rapportage dat in de afgelopen vijf jaar (de rapportageperiode) ruim 700 duizend volwassenen thuis te maken hadden met fysiek of seksueel geweld. Van deze slachtoffers heeft 20 procent te maken met structureel huiselijk geweld, geweld dat vooral vrouwen treft.  
Als het gaat om geweld tegen vrouwen te bestrijden beveelt het Comité aan dat gemeenten beter in staat moeten worden gesteld om ondersteuning en bescherming te bieden aan slachtoffers van geweld.

Overige aanbevelingen: voorlopige hechtenis, antiterrorisme maatregelen

Het Comité heeft naast de hiervoor genoemde aanbevelingen nog veel andere aanbevelingen gedaan. Bijvoorbeeld dat de regels en procedures omtrent vluchtelingen en asielzoekers moeten worden verbeterd, omdat nu een groot aantal verzoeken voor asiel of familiehereniging blijven liggen. 
Over het toepassen van voorlopige hechtenis heeft het Comité aanbevolen dat dit alleen als laatste middel moet gebeuren. Voorlopige hechtenis is een vergaande maatregel en er moet eerst gekeken worden of andere maatregelen, bijvoorbeeld een meldingsplicht, mogelijk zijn. 

Met betrekking tot de reikwijdte van antiterrorismemaatregelen heeft het Comité aanbevolen dat er voldoende waarborgen moeten zijn, zodat mensen die geraakt worden door deze maatregelen de mogelijkheid hebben om de beslissing aan te vechten.

Het Comité heeft ook aanbevelingen gedaan over de gaswinning in Groningen. Nederland moet maatregelen nemen om mensen te beschermen en compenseren voor de gevolgen van de gaswinning in Groningen.

Hoe nu verder

Het is nu aan de Nederlandse regering om aan de slag te gaan met de aanbevelingen van het Comité. In 2021 moet de regering informatie geven aan het Comité over de opvolging van de aanbevelingen, over de aanpak van rassendiscriminatie en haatzaaien, de regels omtrent vluchtelingen en asielzoekers en over de maatregelen die zijn genomen om mensen te beschermen en compenseren voor de gevolgen van de gaswinning in Groningen.

Meer informatie

Lees de volledige rapportage van het College voor de Rechten van de Mens:

Report on the status of the implementation of the Covenant on Civil and Political Rights in the Netherlands.